Interieurstijlen

Wabi-sabi is de interieurstijl die niet perfect wil zijn

· 5 min leestijd

Terwijl de een nog volop bezig is met pattern drenching en de ander net een warme bruine muur heeft laten zetten, groeit er in de luwte een heel andere beweging. Wabi-sabi laat huizen die juist niet af zijn, met een gebarsten vaas op het dressoir of een houten tafel vol kringen van jaren koffie drinken. Geen styling-truc, maar een manier van kijken naar je huis die inmiddels in bijna elk trendrapport voor 2026 opduikt.

Wat wabi-sabi eigenlijk betekent

Wabi-sabi komt uit Japan en bestaat uit twee woorden die los van elkaar al een hele filosofie vormen. Wabi staat voor eenvoud en tevredenheid met weinig, sabi voor de schoonheid die ontstaat als iets ouder wordt. Samen vormen ze een manier van wonen waarbij je spullen niet kiest om indruk te maken, maar om wat ze voor je betekenen of hoe prettig ze aanvoelen. Wikipedia legt het principe mooi uit als het vinden van schoonheid in het onvolmaakte en vergankelijke, in plaats van in gladde perfectie.

Dat is meteen het verschil met stijlen als Japandi, waar je ook al kennis mee maakte in ons artikel over een Japans geïnspireerd interieur. Japandi draait vooral om strakke lijnen en rust door minder spullen. Wabi-sabi gaat een stap verder: het omarmt juist de oneffenheden die bij het leven horen.

Deze kenmerken herken je direct

Een wabi-sabi ruimte val je op door een paar vaste ingrediënten. Ruw, onbehandeld hout met zichtbare nerven en knoesten. Linnen en wol die kreuken en niet steeds hetzelfde liggen. Keramiek met een oneffen glazuur of een klein randje dat net niet symmetrisch is. Muren in leemverf of kalei, met een structuur die per lichtval anders oogt.

Kleur speelt een bescheiden rol. Je ziet veel zand, grijsbruin, roomwit en een vleugje terracotta, kleuren die je ook terugvindt in natuursteen en klei. Fel of glanzend heeft hier geen plek. Symmetrie evenmin: twee identieke lampen op een dressoir voelen in deze stijl eerder ongemakkelijk dan rustig.

Zo pas je het toe zonder dat het een decorstuk wordt

Het grootste risico is dat je wabi-sabi verwart met opzettelijk ouder maken. Een fabrieksnieuwe tafel met kunstmatig aangebrachte krassen is het tegenovergestelde van waar deze stijl voor staat. Begin daarom bij wat je al hebt: dat gevlekte houten dienblad van je oma, de aardewerken schaal met een haarscheurtje, de leren bank die juist mooier wordt met gebruikssporen. Repareer liever dan te vervangen, en laat zichtbare reparaties gewoon zichtbaar.

Voeg daarna pas nieuwe stukken toe, maar kies voor handwerk boven massaproductie. Een lokale pottenbakker, een weefster op de markt, een tweedehands kast met een eigen geschiedenis. Dat sluit ook aan bij wat we eerder schreven over doorleefd wonen, waar het huis juist meegroeit met wie erin woont in plaats van een decor te zijn dat stil blijft staan.

Houd per kamer ruimte over. Wabi-sabi verdraagt geen volle kasten en overvolle wanden. Laat lege plekken letterlijk leeg, zodat de paar stukken die er staan ook echt gezien worden.

In welke kamers dit het best werkt

Niet elke ruimte leent zich evengoed voor wabi-sabi, maar een paar plekken in huis zijn er bijna voor gemaakt. In de woonkamer werkt het door een bank in ruwe, natuurlijke stof te combineren met een houten salontafel die gewoon een paar deuken mag hebben. Vermijd gladde oppervlakken als marmer met hoogglans of strak gelakt hout, die trekken de aandacht juist naar perfectie in plaats van ervan af.

In de slaapkamer gaat het vooral om textuur: linnen beddengoed dat kreukt, een vloerkleed van ongeverfde wol, een nachtkastje van gerecycled hout. Juist in de badkamer, waar veel mensen reflexmatig naar strak en steriel grijpen, kan wabi-sabi verrassend goed werken met een kom van handgedraaid keramiek als wastafel of ongepolijste natuursteen tegels. De oneffenheden zorgen er net voor dat de ruimte minder klinisch aanvoelt.

In de keuken is terughoudendheid wel verstandig. Hygiëne en functionaliteit gaan voor esthetiek, dus bewaar de wabi-sabi-elementen hier voor decoratieve stukken zoals een fruitschaal of een plank met zelfgemaakte potten, niet voor het werkblad zelf.

Waar het misgaat

De valkuil is dat wabi-sabi op Pinterest inmiddels een look op zich is geworden, compleet met instructies voor het "juiste" soort scheur in je muur. Dat is precies de perfectie die de stijl wil vermijden. Zodra je begint te twijfelen of iets wel "onvolmaakt genoeg" oogt, ben je het spoor kwijt. Een eerlijker uitgangspunt: koop en bewaar dingen omdat ze functioneel of betekenisvol zijn, en laat de sporen die het leven erop achterlaat gewoon zitten.

Waarom dit precies nu aanslaat

Na jaren van interieurs die eruit moesten zien als een showroom, snakken veel mensen naar een huis dat niet continu onderhoud en controle vraagt. Wabi-sabi geeft toestemming om iets niet te vervangen zodra het een vlekje heeft, en dat voelt voor veel huishoudens als een opluchting. Het past ook bij de bredere beweging richting minder wegwerpspullen en meer waardering voor wat lang meegaat. Begin klein: zet die ene gebarsten vaas gewoon weer op tafel in plaats van hem te verstoppen. Je huis wordt er niet slordiger van, maar eerlijker.

Anouk Versteeg
Geschreven door Anouk Versteeg Trendanalist Wonen

Anouk reist jaarlijks naar de Salone del Mobile in Milaan, Maison & Objet in Parijs en Design Week in Eindhoven om de nieuwste woontrends te spotten voordat ze de mainstream bereiken. Ze studeerde communicatie en design aan de HKU en werkte als redacteur bij twee Nederlandse interieurmagazines. Haar talent is het filteren van de honderden trends die elk seizoen voorbijkomen tot de handvol die echt relevant zijn voor de Nederlandse en Belgische markt. Ze schrijft met een scherp oog voor detail en een gezonde dosis humor over de soms absurde wereld van high-end design. Haar eigen huis beschrijft ze als gecontroleerde chaos met te veel kussens en precies de juiste hoeveelheid planten.